Noodanticonceptie

Wegens financiële of persoonlijke redenen kan een zwangerschap ongewenst zijn. Wanneer het gebruik van voorbehoedsmiddelen niet verloopt zoals het zou moeten en daardoor een groter risico op zwangerschap optreedt, kan er een beroep op noodanticonceptie worden gedaan.

Wanneer een zwangerschap ongewenst is en er een verhoogd risico op bevruchting optreedt, vormt noodanticonceptie een laatste redmiddel. Noodanticonceptie voorkomt de bevruchting en/of innesteling van een eicel en is daardoor geen vorm van abortus. In geval van abortus wordt een al ingenestelde eicel uit de baarmoeder verwijderd.

 

Een noodsituatie doet zich voor wanneer er onveilige geslachtsgemeenschap heeft plaatsgevonden. Voorbeelden daarvan zijn het gebrek aan een voorbehoedsmiddel, het scheuren of afglijden van het condoom, een te late inname van de anticonceptiepil of het braken of last krijgen van hevige diarree na de inname, … Noodanticonceptie is echter niet altijd nodig. Hieronder leest u wanneer u wel moet ingrijpen.

 

Wanneer u slechts één pil bent vergeten en u de vorige pil langer dan 12 uur geleden innam, is noodanticonceptie niet nodig aangezien u nog steeds beschermd bent tegen zwangerschap. U neemt de laatst vergeten pil alsnog in. Hierbij hoeft u geen aanvullende bescherming te gebruiken.

 

Bent u in week één voor de inname van 2 of meer pillen meer dan 12 uur te laat, dan neemt u de laatst vergeten pil alsnog in en neemt u de strip uit. Heeft u geslachtsgemeenschap gehad in week één en vond dat minder dan 72 uur geleden plaats, neem dan zo snel mogelijk en binnen de 72 uur de noodpil in. Vond de geslachtsgemeenschap tussen de 72 uur en 120 uur plaats, laat dan het noodspiraal plaatsen.  

 

Indien u in week twee 2 of 3 pillen bent vergeten en daarvoor in beide gevallen 12 uur te laat bent, neem dan alsnog de laatst vergeten pil in en neem de strip uit. Indien u in week twee 4 of meer pillen bent vergeten, neem de laatst vergeten pil alsnog in en neem de strip uit. Gebruik aanvullende anticonceptiemiddelen tot u de pil opnieuw gedurende 7 dagen heeft ingenomen.

 

Bent u in week drie 2 of meer pillen vergeten, neem dan de laatst vergeten pil alsnog in en neem de strip uit. Ga door met de volgende strip zonder een stopweek in te lassen. Zorg voor extra bescherming gedurende de volgende 7 dagen.

 

Noodanticonceptie bestaat in twee vormen:

  • De noodpil zorgt ervoor dat een eisprong wordt uitgesteld en er op die manier geen bevruchting kan plaatsvinden. Deze pil kan tot 3 dagen na onbeschermde geslachtsgemeenschap worden ingenomen. Echter is het hier wel de boodschap om het zo snel mogelijk in te nemen om de kans op slagen te vergroten. De meeste noodpillen kunnen tot maximum 3 dagen na onbeschermde geslachtsgemeenschap worden ingenomen. Eén noodpil kan tot 5 dagen erna ingenomen worden.
  • Het noodspiraal, ook wel koperspiraal genoemd, kan tot 5 dagen na onbeschermde geslachtsgemeenschap door een arts geplaatst worden. Het koper vermindert de beweeglijkheid van de zaadcellen zodat de eicel niet bevrucht kan worden. Daarnaast zorgt het koper ervoor dat de eicel zich niet kan nestelen in het baarmoederslijmvlies.

 

Indien u te vaak een beroep doet op noodanticonceptie overweeg dan om over te stappen naar een andere vorm van anticonceptie.